LGB    Digitaliseren locs  tips.

 

Tip 1.

Als de lok na het inbouwen van de decoder op de rail wordt geplaatst en de verlichting werkt niet correct.

1. De verlichting reageert niet op de lichttoets

2. De verlichting is bij rijstap oneven uit.

3. De verlichting is bij rijstap even aan.

De oorzaak is te vinden in de rijstappen. De decoder staat op 14 rijstappen en de centrale staat op 28 rijstappen. Zet bit-1 van CV29 op 1 en de verlichting zal normaal functioneren.

 

Tip 2.

De lok rijdt de verkeerde kant op (herstellen zonder sleutelen).

        a. De lok rijdt de verkeerde kant op en de verlichting gaat met de rijrichting mee.

        Zet de lok in de reversestand door bit0 van CV29 op 1 te zetten (of op 0 als er 1 in stond).

        b. De lok rijdt de verkeerde kant op en de verlichting wijst wel de juiste kant op (lamp 'voor' aan bij achteruit).

                  Zet de lok in de reversestand door bit0 van CV29 op 1 te zetten (als er 1 in stond dan 0).

                  Zet CV51 op 64, de uitgang 'lamp-voor' gaat nu aan bij achteruitrijden (als er 64 in stond dan 128).

                  Zet CV52 op 128, de uitgang 'lamp-achter' gaat nu aan bij vooruitrijden (als er 128 in stond dan 64).

        Het kan even puzzelen en uitproberen zijn maar uiteindelijk moet het goed zijn. Laat eerst de lok de juiste kant op rijden en doe dan de verlichting.

 

Tip 3.

De lichtuitgangen kunnen ook door functietoetsen geschakeld worden. Normaal wordt de verlichting geschakeld door functietoets 0. Door bv in CV51 de waarde 2 te zetten zal de    aangesloten lamp aangaan als functietoets 2 ingedrukt wordt. Door nogmaals deze toets in te drukken gaat de lamp weer uit, dit onafhankelijk van de rijrichting. Moet dit rijrichtings afhankelijk worden dan wordt voor 'vooruit' de waarde 128 bij de CV waarde opgeteld en bij 'achteruit' de waarde 64. In het voorbeeld: De voorlamp moet schakelen op functietoets 2 en alleen bij vooruit aangaan. De waarde in CV51 wordt dan 128+2 is 130 (CV51 = 130).

Standaard staat in CV51 de waarde 128. Dit klopt want de lamp wordt geschakeld door functietoets 0 en mag alleen bij 'vooruit' aan gaan. In het rekensommetje wordt dit 128+0=128 (CV51 = 128).

 

Tip 4.

Bij het gebruik van een powerbuffer (spannungspuffer) moet CV129 en/of CV130 ingesteld worden op de uitlooptijd. De waarde moet liggen tussen 0 en 255. Op dit moment heb ik geen idee wat ik met deze waarden aan moet, wat is 0 en wat is 255. Wie het weet mag het mij mailen.

 

Tip 5.

De geluiden in een geluidskaart zijn op te roepen met de functietoetsen 1 t/m 16 (afhankelijk van het aantal geluiden). Vanaf fabriek zijn de geluiden aan een functietoets toegewezen. Deze zijn in CV131 t/m CV142 desgewenst opnieuw te rangschikken. Persoonlijk zet ik de toeters en bellen in het begin en de remmen op het laatst, dat is ieder op zich. Het aan- en uitschakelen laat ik op 6 staan (CV147), evenals het geluid van de startende motor op 5 (CV148).

 

Tip6.

Als bij de geluidskaart een Potentiometer is geplaatst.

Vergeet niet het register CV200 te wijzigen in waarde 255 anders ziet de decoder de potmeter niet.

Bij geen gebruik van een externe pot.meter is de waarde in CV200 een waarde tussen 1 en 63 waarbij 1 zacht  en 63 luid is. Bij levering is deze waarde 32.