Lenz Digitaal.

 

Kiezen van een lok.

Druk op de toets Cl en vervolgens het lokadres.

Druk dan op Enter.

 

bv: Cl-5-Enter voor lok nr 5.

 

Er kunnen adressen in een soort bibliotheek gezet worden die dan met de knop Esc doorlopen kunnen worden. Zie hiervoor de handleiding.

 

 

Rijden met de lok.

De middelste op de bovenste rij is het omschakelen van de rijrichting. Staat het pijltje links in het scherm omhoog dan gaat de lok vooruit, staat het pijltje naar beneden dan gaat de lok achteruit.

Met beide rechter toetsen gaat de lok harder. Met de enkele pijl 1 rijstap, met de dubbele pijl 7 stappen.

Met de linker toetsen gaat de lok zachter, ook met 1 rijstap of 7 rijstappen gelijktijdig.

De rode toets is de noodstop, alle loks stoppen gelijk bij het indrukken van deze toets.

Schakelen van een wissel.

Druk op de F-toets en vervolgens op 5, dit is dus functie 5.

Kies nu het adres van de wissel en druk op Enter.

Verander de stand van de wissel (of sein) met de toetsen '+' en '-'.

 

 

bv: F-5-3-Enter-+

 

 

 

Uitlezen terugmelder.

Druk op de F-toets en vervolgens op 6, dit is dus functie 6.

Kies het nummer van de terugmeldmodule en druk op Enter.

 

 

 

bv: F-6-65-Enter