Tin-Plate.

Een heel eenvoudige koppeling, alleen vraag ik mij of wat nu het raam open houdt.

 

 

 

Haak-oog koppeling.

Bij spoor-0 tot 1900, bij spoor I en II tot 1898 en bij spoor III tot 1904.

Smalle beugelkoppeling of ringkoppeling.

Vanaf 1896 tot 1902 werd deze koppeling voor de sporen I, II en III gebruikt. In deze kleine periode zijn er kleine veranderingen doorgevoerd.

 

Brede beugelkoppeling.

Als verbetering van de smalle beugelkoppeling werd deze beugel in de jaren 1898 tot 1904 toegepast. Voor spoor-0 stond de beugel naar boven, voor de sporen I, II en III naar beneden.

 

 

Haakkoppeling.

De eerste draaibare koppeling die aan de wagenbodem gemonteerd werd. Van 1900 tot 1908 toegepast voor alle spoortypen.

 

 

 

 

Fixkoppeling.

 

 

 

De langst door marklin gebruikte koppeling voor de sporen 0, I, II en III. Deze koppeling werd toegepast van 1909 tot 1954. in 1913 heeft de koppeling een kleine verandering ondergaan.

 

Automatische koppeling.

De eerste automatische koppeling werd toegepast tussen 1912 en 1915. Ze zijn in het pakket gekomen alleen voor de elektrische treinen.

 

Automatische koppeling.

 

 

Alleen voor de sporen 0 en I werd deze koppeling toegepast. Deze waren vanaf 1932 en tot 1939 in het programma opgenomen.

 

Oogkoppeling.

 

Deze koppeling werd van 1915 tot 1937 voor de treinsets gebruikt die bestemt waren voor de warenhuizen in Amerika en Engeland.

 

Autobaan koppeling.

In het jaar 1925 ontwikkelde Märklin voor de autobaan een eigen koppeling die uiteindelijk maar een jaar gemaakt zijn.

 

Spoor-H0 Koppelingen.

Klauwkoppeling.

Deze klauwkoppeling van 1935 tot 1937 heeft één beweegbare klauw.

 

 

Klauwkoppeling.

Deze klauwkoppeling van 1938 tot 1940 heeft twee beweegbare klauwen.

 

 

Beugelkoppeling.

Deze kleine beugelkoppeling werd vanaf 1950 toegepast.

 

 

Voorontkoppeling.

Brede beugelkoppeling met voorontkoppeling. De wagens konden zonder dat deze aan elkaar vasthaken weggeduwd worden. Bij het in de andere richting wegrijden blijft de wagen staan (rangeer). Deze koppeling werd alleen in 1956 toegepast en is een voorloper op de bekende relex-koppeling.

Relex-koppeling.

Deze koppeling wordt nog steeds gebruikt en is al vanaf 1957 als koppeling toegepast op goederen en personen wagens. Door de vergelijkbare constructie als de voorontkoppeling uit 1956 zijn bij het rangeren de wagens op afstand afkoppelbaar en verplaatsbaar tot de wagens op de juiste plaats staan.

Kortkoppeling.

Door deze koppeling, geintroduceerd in 1986, zijn de personen- en goederenwagens dicht op elkaar koppelbaar. Vooral bij de personenrijtuigen is dit een zeer goede ontwikkeling. Een nadeel is dat deze koppeling met de hand minder goed te ontkoppelen is dan de Relex-koppeling. Bij de kortkoppeling moet men een soort 'lichter' gebruiken. Bij de sets is vaak een dergelijke 'lichter' bijgevoegd.

 

 

 

 

Spoor-1 koppelingen.

Automatische (klauw)koppeling.

De eerste koppeling van spoor-1 (sinds 1969) was een klauwkoppeling gelijk aan die van spoor 00. Zeer snel werden deze koppelingen vervangen door automatische koppelingen.

 

 

Schroefkoppeling.

In 1978 is de schroefkoppeling voorgesteld maar deze was niet echt functioneel. Wie deze koppeling heeft en denkt dat hij een probleem heeft kan gerust zijn, deze koppeling is zeer eenvoudig te vervangen door de automatische koppeling. De koppelingen zijn namelijk in een koppelingshuis gemonteerd

 

Speciale koppeling.

Voor de in 1993 gemaakte rail-bouw combinatie is een speciale koppeling gemaakt. Het voertuig en de aanhanger werden met een trekstang aan elkaar verbonden.

 

 

 

 

 

Spoor-Z koppelingen.

1e Z-koppeling.

De z-spoor koppeling is mijns inziens een soort haakkoppeling. Zijdelings vallen de haken inelkaar.

 

 

2e Z-koppeling

Deze koppeling is nu toegepast op de Z-spoor treinen. Zo te zien niet veel veranderd.

 

Al deze foto's komen uit Märklin Wertanlage. Märklin Wertanlage is een interesant boek waar veel informatie instaat voor de verzamelaar. Het boek is alleen duitstalig verkrijgbaar, maar leest men geen duits dan zijn de plaatjes op zich al mooi genoeg.