Hellingsgraad

Om een trein met last op een bepaalde hoogte te krijgen moet je een helling overwinnen. De hellingsgraad is zeer van belang of de terin makkelijk boven komt of geheel niet. Een te hoge hellingsgraad geeft veel weerstand waardoor de wielen gaan slippen en je slipbanden oproken. De hellingsgraad is niets anders dan de hoogte die je stijgen wil gedeeld door de lengte van het traject.

Helling.

Wat is een goede hellingsgraad? Als je gaat zoeken dan wordt voor rechte stukken maximaal 3% en voor de bochten 2% geadviseerd. Wat houdt dit nu in? 3% wil zeggen dat elke meter spoor 3cm omhoog gaat, dus om een hoogte van 10cm te overwinnen moet je een lengte van 3,33m spoor tot je beschikking hebben.

In de grafiek wordt getoont welke hellingsgraad je bereikt met een spoor van 2,3m en een spoor van 3m om een bepaalde hoogte te overwinnen. Om bijvoorbeeld 85mm hoogte te overwinnen kom je met een spoorlengte van 2,3m op een hellingsgraad tussen de 3,5% en 4%, met een spoorlengte van 3m tussen de 2,5% en 3%. Boven de 3,5% zal verboden gebied moeten zijn, dus hoogten die je niet kan bereiken met deze spoorlengten.

Hoe doet Märklin het?

Märklin gebruikt percentages tussen 3,45% en 3,90%. Hierdoor worden de spoorlengten een stuk korter. Ook gaat Märklin bij bovenleiding net boven de masthoogte zodat een mast nog onder de brug kan staan.

 

 

 

Zal het niet mogelijk zijn om de hoogte in het midden van de bovenleidingdraad te pakken, dit scheelt al gauw 1,4cm in hoogte. In de linkertabel wordt aangegeven dat het trajecten een stuk korter wordt, bij de C-rail bijna 40cm.

 

 

Welke lengte heb je nodig?

Onderstaande grafiek geeft weer hoeveel trajectlengte er benodigd is om een bepaalde hoogte te bereiken. dit met een percentage van 2% en 3%. De stippellijn is het gemiddelde, als bv het traject uit rechte delen en bochtdelen bestaat.

Om op een hoogte van 8cm te komen, en met een traject wat bestaat uit bochten en rechten, is een trajectlengte van 320cm nodig.

 

Tabel behorende bij bovenstaande grafiek.